De rechters Gideon en Jaïr. Gideon houdt de schapenvacht in de hand. Op de achtergrond bidt Gideon bij de schapenvacht en valt er dauw op de schapenvacht. In het landschap knielen de manschappen van Gideon bij een rivier om te drinken. Jaïr wijst naar het landschap. Zijn dertig zonen berijden ieder een ezelshengst. In het midden staan Abimelech en Tola. Onder de voorstelling toelichtende teksten in het Latijn.
On the same theme · Those who lap water by putting their hand to their mouth are separated from those who kneel down to drink the water ~ selection of Gideon's men